Toen de Amsterdamse Ijsclub nog op het Museumplein zat...
vergroot foto

Toen de Amsterdamse ijsclub nog op het Museumplein zat...

Han van der Linden-Schadd
Mijn eerste schaatsprestaties begin dertiger jaren waren bij de AIJC, toen nog op het Museumplein. Er stond een hoog hek omheen en er was een buitenbaan met in het midden een kinderbaantje. Daar leerde ik schaatsen op van opa gekregen schaatsen van de beroemde firma Nooitgedagt uit Ijlst. Je deed dat achter een looprekje om niet te vallen. En er was een clubhuis tegenover het Concertgebouw waar je warme chocola kon drinken.
Niet iedereen kon op die ijsbaan terecht. Je moest lid zijn en dat waren alleen heren. Maar die konden dames en kinderen introduceren tegen een lager tarief. Nadat mijn vader in 1932 was overleden, leende mijn moeder daartoe wel even een lidmaatschapskaart van een bevriende man. Ik heb nog een foto van mij samen met moeder en tante met alle drie een ovale kaart aan een knoop van onze kleren.
Er zat ook een risico aan het lidmaatschap, want je betaalde voor het hele seizoen en bij een kwakkelwinter had je pech.
Het Museumplein ligt in de bebouwde kom en daar vriest het minder snel dan in buitenwijken. Als de bordjes AIJC eindelijk op de trams verschenen, was het standaardgrapje dat het nu wel gauw zou dooien en dat was ook vaak het geval. Dit was de reden dat de AIJC kort voor de oorlog verhuisde naar een terrein aan de Schinkel.
In de zomermaanden diende het IJsclubterrein voor sport en spel. Bij mooi weer deed mijn school daar wel balspelen. En met school zongen wij er, na de succesvolle Melbournerace in 1934, de Uiverbemanning toe met een lied dat begon met "Uiver, uiver, ooievaar. ben je daar?"
De rest van de tekst ben ik kwijt. het was guur weer en het duurde lang tot de uiverbemanning vanuit Schiphol op het Museumplein kwam opdagen voor de huldiging. maar wij vonden het allemaal prachtig. We hadden met spanning de Melbournerace gevolgd en waren apetrots op het Nederlands succes.
Een laatste persoonlijke herinnering betreft zomer 1945. De ijsclub was verdwenen maar het clubgebouw stond er nog en was als kantine ingericht voor militairen. Als studentvrijwilliger heb ik daar een aantal keren dienst gedaan als serveuse. Met een wit schortje voor dat mijn moeder nog bewaard had uit het dienstbodentijdperk. Het meeste indruk heeft gemaakt dat wij de overgebleven taartjes voor 1 gulden per tien stuks mochten meenemen. En dat in een tijd, dat alles nog op de bon was!
Verpakkingsmateriaal was er toen ook nog niet, dus je nam een grote pan mee van huis. Ook geklutste taartjes smaken heerlijk!
En inmiddels is er toch weer een ijsbaantje op het Museumplein!
Verhalen van Vroeger is een initiatief van Stichting Tijdgeest